Geworteld (t)huis


We hadden een mooi huis gezien, het zou geweldig passen bij onze plannen voor een gezinshuis. Maar het was in Hoevelaken, een dorp dat we niet goed kenden. Behalve dan dat ik er in de jaren tachtig regelmatig kwam om mijn grootouders te bezoeken. Om er een beetje gevoel bij te krijgen, huurden we een slaapplek in een bed & breakfast dicht bij het door ons begeerde huis en gebruikten we de tijd om de omgeving wat te verkennen. Het voelde goed, we kochten het huis en zo werd het dorp van mijn voorouders mijn nieuwe woonplaats. Met de jaren die we er nu wonen, kwamen ook de familieverhalen bovendrijven. Zo kwam ik erachter dat de hierboven genoemde bed & breakfast waar wij nietsvermoedend overnacht hadden, ooit het huis van mijn overgrootouders was geweest. Mijn opa was er opgegroeid, mijn vader kwam er vaak. Het blijkt ook de plek waar Heintje Davids (ik moest even opzoeken wie dat was) in de oorlog korte tijd ondergedoken had gezeten. Ik vind dat dus een fascinerend verhaal. Al regelmatig had ik het landweggetje ernaartoe bewandeld met onze hond, maar sinds ik dit weet, loop ik er anders. Veel bewuster van mijn voetstappen in de tijd, op de aarde die ook hun voetstappen droeg. Het geeft een bijzonder gevoel van thuiskomen in de stamboom van mijn familiegeschiedenis. als een boom Stambomen, familielijnen, ze hebben in de Bijbel ook een plek. Al die geslachtsregisters werden vroeger bij ons thuis aan tafel zeker niet overgeslagen. De Bijbel was van kaft tot kaft van belang, dus ook dat hoorde er gewoon bij. Nutteloze informatie vond ik dat, zo tussen de yoghurt en de afwas in. Maar steeds meer ontdek ik de waarde van deze opsommingen. Kennelijk is er iets van belang in het gegeven dat je bij een geslachtslijn hoort. Het geeft je een plek in de tijd. Een geslachtsregister wordt vaak gevisualiseerd met het beeld van een boom. De voorgedrukte sjablonen die daarvoor in babyalbums of een online fotoservice worden gebruikt, vind ik doorgaans nogal kansloos. Ze zetten jou in het middelpunt: de stam. En je voorouders daarboven aan de takken en vertakkingen. Dat is precies niet hoe een boom groeit, maar vooruit. Het neemt niet weg dat de boom een prachtig en sprekend beeld is. Neem nou Psalm 1. De bomen die het best gedijen, zijn zij die zich diep hebben geworteld aan de waterkant, in nauw contact met hun levensbron. Wat een geluksvogel ben je als je daarin opgroeit. Alles stevig op z’n plek, tegen weer en wind bestand.

‘Ik denk dat iedereen alleen maar probeert thuis te komen.’ Deze uitspraak komt uit een boek van Charlie Mackesy, maar had je ook uit de Bijbel kunnen opmaken. Wat een waarheid zit er in dat eenvoudige zinnetje! Een van de manieren om dat in je leven te doen, is door je plek in te nemen in de lijn van je familie. Want wie op z’n wortels staat, kan het water dat erdoorheen loopt goed ontvangen. Hoe belangrijk het is dat je zelf goed geworteld bent, merk je als er aan je boom wordt geschud.

niet te stekken Ons gezinshuis kwam er, met mijn eigen wortels dus binnen handbereik. Maar voor de kinderen die ons huis bewonen geldt dit allerminst. Ze kunnen behoorlijk duwen en trekken, maar op onze wortels kunnen ze niet stekken. Daarvoor moeten ze toch echt bij hun eigen wortels zijn. Wortels soms duizenden kilometers verderop, of hier om de hoek maar ernstig onbereikbaar. Nou, die wiebelen dus alle kanten op en waaien zomaar met vele winden mee. Je hoeft je ouders niet geweldig te vinden om te erkennen dat zij aan jou het leven hebben doorgegeven. Het is mijn uitdaging als pleegmoeder om geen ouder van het kind te willen zijn. Dat ben ik namelijk niet. Ik kan de grond een beetje omwoelen, hier en daar wat mest toevoegen en wellicht wat schaduwdoeken spannen, maar alleen om voorwaarden te scheppen zodat een kind aangesloten raakt op de wortels van de eigen familie. Want enkel daar is het werkelijk levensvatbaar.


Deze column van Anita is gepubliceerd in het Nederlands Dagblad van maandag 23 mei '22




325 weergaven0 opmerkingen

Recente blogposts

Alles weergeven

straf